
De zaak gaat over een bestemmingsplan in Wenum Wiesel. Onderdeel daarvan is de transformatie van bestaande hooibergen tot twee paardenstallen. De gemeenteraad vond dat dit geen ruimtelijke ontwikkeling was. De paardenstallen vervingen immers een bestaande stal en kwamen op korte afstand daarvan. Bovendien liepen op die gronden al paarden in de wei.
De Afdeling volgt die redenering niet. Een bestemmingsplan maakt volgens de Afdeling een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk wanneer het meer of ander gebruik toestaat dan de referentiesituatie. In dit geval kwamen de twee paardenstallen op andere locaties dan de bestaande schuur. Dat is volgens de Afdeling al voldoende om te spreken van ander gebruik dan in de referentiesituatie. Dat de afstand tot de bestaande stal gering was, maakt dat niet anders. En ook het argument dat op die plek al paarden mochten lopen, was niet relevant: paarden in een wei laten lopen is iets anders dan paarden in een stal houden.
Het argument van de gemeenteraad dat de stikstofemissie en -depositie door deze transformatie niet zouden veranderen, was uiteraard niet relevant. Zo’n vergelijking komt neer op intern salderen. En daarvoor is sinds Pasgeld-West geen ruimte meer in de voortoets.
AbRvS 16 september 2026, ECLI:NL:RVS:2026:5497, r.o. 5.1-5.3
AbRvS 14 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:193 (Pasgeld-West)
