Nuancering Brummenlijn.

De “Brummenlijn” houdt in dat bij het niet instellen van hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank waarin uitdrukkelijk en zonder voorbehoud beroepsgronden zijn verworpen, de rechtbank in vervolgprocedures van de juistheid van het eerder gegeven oordeel over die beroepsgronden moet uitgaan. In de uitspraak van AbRvS 22 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5096 heeft de Afdeling deze lijn genuanceerd voor personen die niet kan worden verweten dat zij geen partij waren bij een eerdere procedure.

Janike Haakmeester
Brede en strategische kennis van omgevingsrecht, sparringpartner.

De “Brummenlijn” houdt in dat bij het niet instellen van hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank waarin uitdrukkelijk en zonder voorbehoud beroepsgronden zijn verworpen, de rechtbank in vervolgprocedures van de juistheid van het eerder gegeven oordeel over die beroepsgronden moet uitgaan.

In de uitspraak van AbRvS 22 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5096 heeft de Afdeling deze lijn genuanceerd voor personen die niet kan worden verweten dat zij geen partij waren bij een eerdere procedure. Die persoon kan de Brummenlijn niet worden tegengeworpen. Zij mogen in een procedure gronden aanvoeren die in een eerdere fase van de procedure al door een rechtbank zijn beoordeeld en waartegen geen hoger beroep is aangetekend.

In dit geval was door het college van Hollands Kroon een omgevingsvergunning voor het gebruik van een bijgebouw als woning geweigerd.  Echter, het college had het vertrouwen gewekt dat deze vergunning zou worden verleend. Na vernietiging van het weigeringsbesluit door de rechtbank op grond van een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel, verleende het college alsnog de vergunning.

De buurman was echter geen partij bij de procedure over de geweigerde vergunning en dat viel hem ook niet te verwijten. Dus kon hij niet worden gehouden aan de inhoudelijke overwegingen van de rechtbank over de weigering van de omgevingsvergunning. Hij mocht in de procedure tegen de verleende omgevingsvergunning het gehele oordeel van de rechtbank over het vertrouwensbeginsel weer ter discussie stellen. Dat baatte de buurman overigens niet. De Afdeling was van mening dat hij geen zwaarwegende belangen heeft aangevoerd die in de weg staan aan honorering van het gewekte vertrouwen.

Deel deze pagina