Doordecentralisatie van onderwijshuisvesting

Wat is het, mag het, waarom zouden we het doen en hoe werkt het?

Wij hebben voor de gemeente Amersfoort een uitgebreid traject van doordecentralisatie van onderwijshuisvesting begeleid waarbij de gemeente het budget voor huisvesting aan alle binnen het grondgebied van de gemeente gelegen scholen heeft overgedragen. Een intensief traject met vele juridische haken en ogen! In deze blog zet Bernadette voor u een aantal aandachtspunten op een rij.

Bernadette Raaijmaakers
Gespecialiseerd in overheids-privaatrecht

Decentralisatie is het overdragen van taken en bijbehorende middelen vanuit de rijksoverheid naar lagere overheden, zoals gemeenten. Doordecentralisatie gaat nog een stapje verder. Dat is het verleggen van taken van lagere overheden naar semi-overheden of zelfs private partijen. Neem onderwijshuisvesting, dat is een gemeentelijke taak, die een gemeente kan overdragen naar één of meer schoolbesturen.

Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het onderhoud (binnen en buiten) van hun schoolgebouwen. De scholen ontvangen hiervoor van rijkswege een lumpsum. De gemeente is verantwoordelijk voor (ver)nieuwbouw en uitbreiding en ontvangt hiervoor een bedrag uit het gemeentefonds. De onderwijswetgeving staat toe dat een gemeente met een of meer scholen afspraken maakt over het verstrekken van een bedrag door de gemeente aan een school voor de bekostiging van nieuwbouw en verbouw van onderwijshuisvesting. De school krijgt dan met het geld ook de verplichting om te zorgen voor de uitvoering van de onderwijshuisvesting, dat wil zeggen dat de school in een situatie van doordecentralisatie zelf geheel verantwoordelijk is voor nieuwbouw en verbouw.

Dergelijke afspraken mogen als de wet ze toelaat. In dit geval zegt de wet alleen dat er een besluit van de gemeenteraad moet zijn en dat het besluit wordt genomen in overeenstemming met het schoolbestuur. De wet laat het verder aan partijen over om invulling te geven aan de doordecentralisatie. Er zijn verschillende manieren en varianten. Partijen hebben contractsvrijheid en leggen hun afspraken vast in een privaatrechtelijke overeenkomst. Deze gemeente heeft in overleg met de betrokken schoolbesturen gekozen voor een coöperatie en daarmee zijn privaatrechtelijke afspraken gemaakt.

Waarom doordecentraliseren? In het bestaande wettelijke systeem, dus zonder doordecentralisatie, moeten scholen jaarlijks bij de gemeente aanvragen indienen voor bekostiging van ver- of nieuwbouw. Dit zorgt voor veel beperkingen. Die aanvragen worden dubbel getoetst: eerst moet er in de programmabegroting van de gemeente (voldoende) budget worden vastgesteld voor onderwijshuisvesting en vervolgens moet iedere school voor de eigen plannen voldoende middelen zien te verkrijgen uit het vastgestelde budget. Het systeem kan ertoe leiden dat scholen elkaar gaan beconcurreren op huisvesting, in plaats van op onderwijsinhoudelijke aspecten. Het traject van ver- of nieuwbouw duurt veelal een aantal jaar. Scholen krijgen in die jaren te maken met wisseling van gemeentelijk bestuur en beleid. Ook voor gemeenten is het ieder jaar weer een hele puzzel om alle aanvragen in goede banen te leiden en de beschikbare middelen te verdelen. Daarom is het voor gemeenten interessant om op basis van langdurige afspraken taakuitvoering en budget voor onderwijshuisvesting bij scholen neer te leggen.

Hoe werkt het?

Doordecentralisatie vindt plaats op basis van een privaatrechtelijke overeenkomst tussen gemeente en schoolbesturen. Deze overeenkomst wordt bekrachtigd door de gemeenteraad, die daarbij ook het budget toekent. Als gezegd, is er keuze in de van de vorm en de mate van doordecentralisatie. Zo kan doordecentralisatie individueel, per school, of collectief, voor een aantal scholen of zelfs voor alle scholen in een gemeente gerealiseerd worden. Ook kan doordecentralisatie voor kortere of langere duur worden aangegaan. Gelet op de investeringen en afschrijvingen heeft een langdurige afspraak (denk aan meerdere tientallen jaren) de voorkeur.

Bij het proces van doordecentralisatie komen diverse disciplines en afdelingen kijken: financiën, vastgoed, onderwijs, juridisch, fiscaal, accountant. Voor een goed verloop van het proces is een strakke projectleiding onontbeerlijk. Daarom is het belangrijk om vanaf het begin goede procesafspraken te maken. De eerste afspraken en intenties kunnen worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst. Hierin kunnen stappen en per stap, de te realiseren doelen worden vastgelegd met daarbij een tijdschema en de betrokken personen en disciplines.

Vervolgens wordt in de doordecentralisatieovereenkomst een groot aantal inhoudelijke onderwerpen geregeld. Te noemen zijn: welke voorzieningen onder de doordecentralisatie vallen, het gewenste kwaliteitsniveau van huisvesting, wat te doen in geval van calamiteiten, gebruik door derden, overdracht economisch claimrecht, toe- of uittreding schoolbesturen, financiering en bijbehorende voorwaarden, hoe om te gaan met nieuwe locaties. En last but not least wordt in de doordecentralisatieovereenkomst vastgelegd hoe de verstrekking van de gelden en verantwoording van de besteding ervan plaatsvindt. Dat laatste is voor de gemeente van belang, ook al omdat de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting wel bij de gemeente blijft. Evenzo is het van belang voor scholen zich te realiseren dat een succesvolle doordecentralisatie een enorme inspanning vraagt van hen en met name van degenen die verantwoordelijk zijn voor huisvesting.

Heeft u als overheid of als schoolbestuur te maken met onderwijshuisvesting en wilt u meer weten over doordecentralisatie? Wilt u weten wat voor u de beste oplossing is, neemt u dan contact op. Bernadette Raaijmaakers heeft samen met Ben Kokx van KokxDeVoogd voor de gemeente Amersfoort de doordecentralisatie van onderwijshuisvesting begeleid en zij denken ook graag met u mee.

Deel deze pagina